Een nieuwe performance van Raoni Muzho Saleh, genaamd ‘a mother’s wail flung from one throat to the other’. Als een moeder niets anders heeft om de barbaarsheid van het lijden dat ze doormaakt te bestrijden, vindt ze in haar jammerende stem de kracht om te protesteren. In deze performance zijn Laima Jaunzema en Raoni Muzho Saleh, als Dyva en Lashes, in een relatie van call and response, van roepen en antwoorden, waarbij het gejammer van een moeder van de ene naar de andere keel wordt geslingerd.
Geïnspireerd door wijlen Gloria E. Anzaldúa (Borderlands / La Frontera: The New Mestiza) en wijlen Agha Shahid Ali (Call me Ishmael Tonight: A Book of Ghazals) – schrijvers die zich beiden poëtisch hebben geëngageerd met de aantrekking van verdriet om verlies en lof voor liefde die blijft sluimeren – was deze performance de belichaming van een jammerende ghazal die gewijd is aan vijf verschillende verbeeldingen van de heilige moeder, namelijk de moeder die haar kinderen verloor, de hoerenmoeder, de zwarte moeder, de verbannen moeder en de verkrachte moeder . De ghazal, als liefdesgedicht, afkomstig uit de Arabische poëzie, is een poëtische uitdrukking van zowel de pijn van verlies of scheiding als de schoonheid van liefde ondanks die pijn.
In deze performance diende de ghazal niet alleen als tekstuele basis van waaruit Lashes en Dyva zich in een diepe put van jammerende galm stortten, maar de ghazal (غَزَلَ, ghazala), wat draaien betekent, werd ook fysiek gematerialiseerd doordat het collectieve lichaam – van performers en publiek – een langzame draai rond de kerk maakte. Door een sonische en fysieke verkenning van het gekreun in hun roepen en antwoorden, wilden Dyva en Lashes de ruimte vullen met huiverende beelden van het gejammer van de vijf moeders die het gehoor van de luisteraar markeren. De performance vond twee keer plaats, en duurde zo’n 50 minuten, waarbij het publiek de langzame beweging van de twee jammerende performers door de kerk volgde en er gedurende een performance een volledige cirkel rond de kerk werd gemaakt. Vijf graven waren gemarkeerd met krijt, gewijd aan de vijf moeders; door kleine objecten toe te voegen leken de graven op een altaar. Vooraf gaf Radna Rumping een introductie in de Sebastiaanskapel en werd het publiek gevraagd de naam van een moederfiguur op een briefje te noteren; bij binnenkomst werden deze briefjes een voor een in een schaal met water gelegd. Na afloop van de performance kon het publiek nog even blijven om de kerk te bezichtigen en de graven met altaars van dichtbij te bekijken. Deze performance was een vervolg op de besloten Mourning Sociality die op 20 september onder leiding van Raoni Muzho Saleh met een klein publiek had plaats gevonden.
| Artist | Saleh, Raoni/Muzho |
| Performer | Jaunzema, Laima |
| Curator | Rumping, Radna |
| Periode | 24-09-2021 |
| Locatie | Noorderzijbeuk |
Een nieuwe performance van Raoni Muzho Saleh, genaamd ‘a mother’s wail flung from one throat to the other’. Als een moeder niets anders heeft om de barbaarsheid van het lijden dat ze doormaakt te bestrijden, vindt ze in haar jammerende stem de kracht om te protesteren. In deze performance zijn Laima Jaunzema en Raoni Muzho Saleh, als Dyva en Lashes, in een relatie van call and response, van roepen en antwoorden, waarbij het gejammer van een moeder van de ene naar de andere keel wordt geslingerd.
Geïnspireerd door wijlen Gloria E. Anzaldúa (Borderlands / La Frontera: The New Mestiza) en wijlen Agha Shahid Ali (Call me Ishmael Tonight: A Book of Ghazals) – schrijvers die zich beiden poëtisch hebben geëngageerd met de aantrekking van verdriet om verlies en lof voor liefde die blijft sluimeren – was deze performance de belichaming van een jammerende ghazal die gewijd is aan vijf verschillende verbeeldingen van de heilige moeder, namelijk de moeder die haar kinderen verloor, de hoerenmoeder, de zwarte moeder, de verbannen moeder en de verkrachte moeder . De ghazal, als liefdesgedicht, afkomstig uit de Arabische poëzie, is een poëtische uitdrukking van zowel de pijn van verlies of scheiding als de schoonheid van liefde ondanks die pijn.
In deze performance diende de ghazal niet alleen als tekstuele basis van waaruit Lashes en Dyva zich in een diepe put van jammerende galm stortten, maar de ghazal (غَزَلَ, ghazala), wat draaien betekent, werd ook fysiek gematerialiseerd doordat het collectieve lichaam – van performers en publiek – een langzame draai rond de kerk maakte. Door een sonische en fysieke verkenning van het gekreun in hun roepen en antwoorden, wilden Dyva en Lashes de ruimte vullen met huiverende beelden van het gejammer van de vijf moeders die het gehoor van de luisteraar markeren. De performance vond twee keer plaats, en duurde zo’n 50 minuten, waarbij het publiek de langzame beweging van de twee jammerende performers door de kerk volgde en er gedurende een performance een volledige cirkel rond de kerk werd gemaakt. Vijf graven waren gemarkeerd met krijt, gewijd aan de vijf moeders; door kleine objecten toe te voegen leken de graven op een altaar. Vooraf gaf Radna Rumping een introductie in de Sebastiaanskapel en werd het publiek gevraagd de naam van een moederfiguur op een briefje te noteren; bij binnenkomst werden deze briefjes een voor een in een schaal met water gelegd. Na afloop van de performance kon het publiek nog even blijven om de kerk te bezichtigen en de graven met altaars van dichtbij te bekijken. Deze performance was een vervolg op de besloten Mourning Sociality die op 20 september onder leiding van Raoni Muzho Saleh met een klein publiek had plaats gevonden.
| Oude kerk Adlib Collect priref | 2256 |